HomeOver onderwijsDe koeiennon, over geloven in je leerlingen

De koeiennon, over geloven in je leerlingen

Dat ze waarschijnlijk nooit echt gaat leren lezen. Dat hij sommen als 3:10 maar op de rekenmachine moet uitrekenen omdat het uit zijn hoofd toch niet gaat lukken. Dat hij thuis toch niet leest, en als hij het wel doet, niet snapt waar het boek over gaat. Dat ze nooit de nieuwe Anky van Grunsven zal worden.

Het laatste verkondigde mijn paardrijleraar ooit net te hard aan de rand van de bak. Net zo hard dat ik het ook hoorde. Natuurlijk wist ik als dertienjarige ook wel dat de olympische spelen er niet in zaten, maar van je leraar wil je horen wat jij goed doet en waar jij je in kan verbeteren. Een leraar moet het geloof uitstralen dat ook jij je kan verbeteren, op je eigen niveau. Hoe motiverend is het om alvast afgeschreven te worden omdat de absolute top er niet in zit.

Ik snap waar het vandaan komt, echt waar. Het is soms lastig om geduldig en hoopvol te blijven, om de kleine stapjes te blijven zien als de progressie soms zo langzaam gaat. Als zelfs het lezen van ‘de’ en ‘het’ na een vakantie weer weggezakt lijkt. Als je leerling inderdaad dat ene boek niet gelezen heeft, of wel, maar het niet echt begrijpt. Als je uitleg van een bepaald type som maar niet lijkt te beklijven. Of als die grote volte bij A maar niet netjes rond wordt, want de paardrijleraar zag het goed, ik was niet het grootste talent.

Toch mag je als leerkracht nooit de hoop opgeven, een kind nooit afschrijven. Niet alleen omdat je kinderen altijd, ook al denk je van niet, anders behandelt als je minder van hen verwacht. Het welbekende Pygmalion-effect, kinderen waar minder van verwacht wordt gaan ook daadwerkelijk minder goed presteren. Dat op zich is al genoeg reden om altijd te blijven geloven in een kind. Maar nog los daarvan, waar ben je mee bezig als je er niet vanuit gaat dat een leerling de lesstof uiteindelijk gaat beheersen? Dan ben je niet bezig met lesgeven, maar voer je samen een heel slecht toneelstuk op. Komt dat zien, komt dat zien, een leerkracht en leerling die doen alsof ze met een les bezig zijn!

Dat gaan we niet doen, het is een belediging voor het leraarschap. Beter nemen we een voorbeeld aan de koeiennon, een rooms-katholieke wiskundedocent die volgens de overlevering zelfs een koe zou kunnen inwijden in de wonderlijke wiskundewereld. Of aan Douwe Sikkes, de ‘meester met de bal’. Door intensief oefenen helpt hij kinderen met het wegwerken van enorme rekenachterstanden. Dan moet je wel geloven in je leerlingen. Je kunt onmogelijk voorspellen of de tienjarige die je voor je hebt over vijf jaar wel leest of rekent. Je kunt enkel constateren dat je leerling nu nog niet denderend presteert, en met een open blik werken aan progressie.

Dus alsjeblieft, lieve leerkrachten, als je jezelf ooit hoort zeggen over een kind dat hij of zij iets toch niet gaat leren, krab jezelf eens flink achter je oor. Slaap er een nachtje over, praat erover met je collega’s en ga ervan uit dat het wel gaat lukken. Zowel je leerlingen als jij verdienen het geloof in de toekomst.